VIVENT DE - vertaling in Nederlands

leven van
vie de
vivre de
leeft van
vie de
vivre de
leefden van
vie de
vivre de

Voorbeelden van het gebruik van Vivent de in het Frans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
les Juifs vivent de l'autre côté.
De joden wonen aan de andere kant.
Plus important encore, ce texte nous renseigne sur la place des croyants dans cet univers, de ceux qui vivent de l'Esprit de Dieu.
Deze tekst leert ons ook iets, en dat is nog veel belangrijker, over de plaats die de gelovigen- hen die leven vanuit Gods Geest- in deze wereld innemen.
la L-arginine peut améliorer les performances de l'érection chez les hommes constitués de ceux qui vivent de l'impuissance.
L-arginine kan erectiele prestatieverbetering bij mannen bestaande uit degenen die ervaring van impotentie.
Aujourd'hui, 9,6% des Européens sont sans emploi et 8% des travailleurs vivent de revenus sous le seuil de pauvreté.
Nu is 9,6 procent van de Europeanen werkloos en moet 8 procent van de werkende bevolking rondkomen met een inkomen beneden de armoedegrens.
Ils y vivent de petit commerce- entre autres avec les Romains il y a 2 000 ans,
Ze leefden van kleinschalige handel- 2.000 jaar geleden onder andere met de Romeinen en later met steden aan de Oostzee,
pauvres comme Job, vivent de la charité des chrétiens
de armen als Job, leven van de liefdadigheid van de christenen
d'éviter des conflits peu souhaitables qui compromettent le développement de relations harmonieuses entre les peuples et les communautés qui vivent de la pêche.
daarnaast ongewenste conflicten helpt voorkomen die hinderlijk zijn voor de vreedzame betrekkingen tussen bevolkingsgroepen en gemeenschappen die leven van de visvangst.
On ne peut pas juste vivre de l'argent de ton magasin?
Kunnen we niet leven van het geld van je winkel?
Vivre de son argent dans la bulle qu'il t'as construite?
Je leeft van zijn geld, woont in zijn huis?
On vit de la terre.
We leven van 't land.
Les Miwoks… vivaient de la terre.
De Miwoks Leefden van het Land.
Il doit vivre de la terre.
Hij leeft van het land.
Ils sont là bas, vivant de repas d'un chien.
Ze leven van een honden maaltijd.
Oui, tribu des Pieds-Rouges vivre de théâtre et de chasse.
Ja, Roodvoet-stam leeft van acteren en jagen.
La population du village vit de l'agriculture.
De dorpelingen leven van de landbouw.
Les habitants vivaient de la pêche et la chasse.
De bewoners leefden van de visserij en de jacht.
L'œuvre vit de dons publics.
De tempel leeft van publieke donaties.
Il vit de vols.
Ze leven van andere vliegen.
Ils vivaient de chasse, de pêche
Ze leefden van de jacht, visvangst
Tout le monde sait que vous vivez de l'Everest, Robert.
Iedereen weet dat je leeft van Everest, Robert.
Uitslagen: 41, Tijd: 0.0428

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Frans - Nederlands