Voorbeelden van het gebruik van Beeltenis in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Financial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
In de bijbehorende clip draagt hij een T-shirt met Falco's beeltenis.
Beeltenis: Paul Ehrlich.
Haar beeltenis kwam op de beelden van verschillende godinnen.
Iedere zin is een beeltenis.
Ik ben naar de bossen gegaan en de beeltenis lag daar maar.
Beeltenis: Gustave Eiffel.
Te gedenken gebeurtenis: beeltenis en monogram van Groothertog Henri.
Het DSR wil weten waarom jouw beeltenis in dat boek staat.
Dat is mijn beeltenis.
Beeltenis: Groothertog Jean.
Een demon wier aanhangers de wereld wilden vernietigen met haar beeltenis.
Dat is mijn beeltenis, Cyrus.
Dat is mijn beeltenis, Cyrus.
Daarom heb ik zelf deze beeltenis aan de volkeren gegeven.
Bijna elk gezin heeft deze beeltenis.
Ze zullen dansen, en uw beeltenis verbranden onder de vrijheidsboom!
Ga zitten… Pel je eigen beeltenis van de spiegel.
Doe er z'n haren bij en m'n beeltenis in rijstpapier.
Hierbij doe ik afstand van mijn beeltenis.
Snij Bart zijn beeltenis uit.