Voorbeelden van het gebruik van Beschaamd in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Laat mijn hart oprecht zijn tot Uw inzettingen, opdat ik niet beschaamd worde.
Oh, ik ben zo beschaamd.
Je maakt hem beschaamd.
Hij heeft uw vertrouwen niet beschaamd.
Ik ben beschaamd.
Bent u Beschaamd om je schoenen uit te doen?
die zal niet beschaamd worden.
Laat mijn hart oprecht zijn tot Uw inzettingen, opdat ik niet beschaamd worde.
Maar je keek zo beschaamd toen ik aankwam.
Eerder beschaamd.
Oh, ik ben zo beschaamd!
Homer, je hebt ons vertrouwen beschaamd.
Dus jullie voelen je allemaal…… verdrietig. Beschaamd.
Bent u Beschaamd om uw schoenen uit te trekken?
Op U, oHEERE! betrouw ik; laat mij niet beschaamd worden in eeuwigheid.
die zal niet beschaamd worden.
Ik voel me zo beschaamd en schuldbewust.
Ik ben meer dan een beetje beschaamd.
Jullie hebben m'n vertrouwen beschaamd.
Alleen en een beetje beschaamd.