Voorbeelden van het gebruik van Bouwen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Bouwen en beheren van een Maximum Security Gevangenis.
Ik kan gave dingen met het licht bouwen, zoals jij deze planeet hebt gemaakt?
Zolang legers al vestingen bouwen, proberen anderen erlangs te komen.
Ze bouwen een hele nieuwe stad in de GER.
Ze zijn actief aan het maken en bouwen.
Wat reken je voor het bouwen van een detentiekamp?
Bouwen aan de stad van je dromen.
Jullie bouwen de webshops, platformen
Impuls j: bouwen toren met leuke physics te slepen.
Sprookjes bouwen kerken.
We bouwen onze levens rondom hen die we liefhebben.
Jullie bouwen een afluisterkamer.
Van de Omajjaden, die ook de grote moskee van Damascus liet bouwen.
Hier liet Capponi een interessante kapel bouwen.
Blijf bouwen, goed?
ANKO 's groene werkomgeving- groen bouwen, onze verantwoordelijkheid voor de wereld.
Ontwerpen en bouwen van geavanceerde applicaties voor het Android-platform;
Vuur maken, bouwen shelter,….
We bouwen een machtig leger.
We bouwen een groot standbeeld.