Voorbeelden van het gebruik van Brandde in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je huid brandde als hete kolen.
Door een stadsbrand op 27 april 1728 brandde de Stefanuswijk en haar kerk af.
Een of ander ziekenhuis brandde af.
Je licht brandde nog.
Ik zag… dat je licht brandde.
Terwijl hij toekeek hoe Rome brandde.
Omdat ik zag dat het lampje niet brandde.
Een op Leisure Lake, maar dat brandde af.
Heb je echt gewacht tot de shampoo m'n ogen uit brandde?
Het licht in de slaapkamer brandde.
Nero speelde viool toen Rome brandde.
En het brandde.
Ik brandde. Mijn huid brandde.
mijn hart brandde.
Elke cel in mijn lijf brandde.
Je brandde bijna 't huis af?
Ik zag dat uw licht brandde.
Ik brandde mijn hand aan het strijkijzer, ziet u?
Die troep brandde in mijn gezicht!
Ik brandde m'n tong.