Voorbeelden van het gebruik van Dit ben in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Dit ben jij niet, Bruce.
Grey. Dit ben jij niet.
En dit ben ik in de kathedraal.
Dit ben ik op m'n eerste verjaardag.
Hier. Dit ben jij.
M'n broer. En dit ben jij, hè?
Anne, dit ben ik.- Carter.
Dit ben ik echt!
Bobbie, dit ben jij niet.
Tim, dit ben jij niet. Stop!
Kate, dit ben ik niet. Castle.
Dit ben jij als klein meisje.
Dit ben jij niet, Ahsoka.
Dit ben jij die Bill draagt.
Dit ben ik, de koningin, met mijn aanstaande, John Welles.
En dit ben ik… met een zielige poging.
Thea. Dit ben jij niet, Thea.
Papa, kijk, dit ben ik en Kayla.
Dit ben ik, met m'n gebroken hart.
Dit ben ik.