Voorbeelden van het gebruik van Een man in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Een onopvallende man.
Ik ben een man en een jood.
Verdachte is een zwarte man, 1 meter 82, zwarte broek, blauwe capuchon.
Heb je ooit een man gedood?
Om een betere man te worden.
Dat is iets wat een man zou zeggen, toch?
Er stond een rare man.
Hij was een aardige man.
Als een betere man.
Patiënt is een man van 45 met pijn op de borst. Ambulance 126.
Hij stierf als een man die het leven had gekend.
Dus engageerde ik een man die vol van Jezus was.
En je wordt een perfecte man, met volledige kennis.
Bij een man op teelbalkanker.
Ik vind het leuk als een man me de volgende dag belt.
Vernoemd naar een man, Max Schumann.
Er is een jonge man.
Welke vrouw flirt met een man die in coma ligt?
Een 41-jarige man, gestorven in z'n slaap.
Een kleingeestige man.