Voorbeelden van het gebruik van Een schaap in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hij is een schaap, geen herder.
Als je een schaap alleen laat, is hij bang en slaapt hij staand.
Als een schaap.
Hij heeft een schaap gemolken.
Zoals een schaap.
Ik mis een schaap en een engel.
Maar ik denk dat een schaap beter is. Tuurlijk, ik moest het doen met asbakken.
Een schaap de keel doorsnijden is niet religieus.
Ze hangen je op voor zowel een schaap als voor een lam.?
Een schaap wellicht.
Wees een schaap en de wolf vreet je op.
Een schaap in gods kudde.
Een schaap en een kalf.
Ik moet een schaap spreken over een ezel.
Is dat een schaap of een wolk?
Bij een schaap.
Nog een schaap, met kleinere oren.
Abel koos een schaap uit z'n kudde.
Een schaap in schaapskleren.
De verdachte heeft overspel gepleegd met een schaap.