Voorbeelden van het gebruik van Fooi geven in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik moet meer fooi geven.
Misschien moeten we fooi geven.
Fooi geven.
Hoeveel fooi geven jullie?
En 'teven' of'hoeren' wil ik ook niet horen, tenzij ze geen fooi geven.
Zeg me… Wat doe je als ze je fooi geven?
Ik wou je een fooi geven, maar ik ben blut.
Ik moet zeker fooi geven.
Ja, goed, deze keer moet je een fooi geven.
Ik moet meer fooi geven.
Ga je Jackie nog fooi geven?
Ik zag je de serveerster fooi geven.
u kunt de gids een fooi geven als u van de service houdt.
Een fooi geven is altijd discretionair,
Je kunt je chauffeur ook een compliment of een fooi geven in de app.
Fooi geven is een manier om partners te bedanken voor de extra moeite
Een fooi geven is een persoonlijke kwestie
omdat ze doorgaans meer fooi geven dan Europeanen.
Had me maar een fooi gegeven.
Hoeveel fooi geef je een kamermeisje?