Voorbeelden van het gebruik van Gingen uit in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Onreine geesten gingen uit en voeren in de zwijnen; en.
Namen de takken van palmbomen, en gingen uit Hem tegemoet, en riepen: Hosanna!
En zij gingen uit, om te zien, wat het was,
De lichten gingen net uit.
We gingen ervan uit dat u zou doen wat we u opdroegen.
En toen gingen we uit eten.
We gingen uit eten en toen we terugkwamen was die tas weg.
En de eerste avond gingen we uit eten met zes van haar vrienden.
Hoelang gingen jullie uit?
De sterren gingen uit, en zo ook de maan.
We gingen toch uit eten?
Nee. We gingen uit, blijkbaar hadden we beiden 'n goede nacht.
We gingen uit.
We gingen samen uit naar clubs en feestjes en naar Starbucks.
We gingen uit eten en onze creditcards werden geweigerd.
We gingen uit eten.
We gingen uit eten en hij.
We gingen gisteravond uit eten.
We gingen toch uit eten?
We gingen uit.