Voorbeelden van het gebruik van Hem vragen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Dat moet u hem vragen.
Ik wilde al naar hem vragen.
Jij kunt hem vragen mij vrij te laten.
Dat moet je hem vragen.
Ik wilde al naar hem vragen.
Hoe kan ik hem vragen om z'n droom op te geven?
Waarover? Dat moet u hem vragen.
Kunt u hem vragen mij met rust te laten?
Dat moet je hem vragen.
Ik ga hem vragen om een fonds voor hen op te zetten.
Dat zal ik hem vragen.
En ik ga hem vragen met te plaatsen.
Dat moet u hem vragen.
Ik zal hem vragen later terug te komen.
Moet je hem vragen.
Ik zal hem vragen de leiding over deze zaak te nemen.
Dat moet u hem vragen.
Ik zou hem vragen er goed over na te denken.
Dit, vriend, moet je hem vragen.
Je moet hem vragen weg te gaan.