HET TRAINEN - vertaling in Duits

trainieren
trainen
oefenen
training
werken
sporten
leren
workout
opleiden
sportschool
fitnessen
Training
opleiding
oefening
trainen
workout
lichaamsbeweging
oefenen
sporten
auszubilden
opleiden
trainen
opleiding
op te leiden
vormen
leren
zu schulen
op te leiden
trainen
opleiden
opleiding
te leren
trainiert
trainen
oefenen
training
werken
sporten
leren
workout
opleiden
sportschool
fitnessen
trainiere
trainen
oefenen
training
werken
sporten
leren
workout
opleiden
sportschool
fitnessen
trainierst
trainen
oefenen
training
werken
sporten
leren
workout
opleiden
sportschool
fitnessen
ausgebildet
opleiden
trainen
opleiding
op te leiden
vormen
leren

Voorbeelden van het gebruik van Het trainen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Ik was aan het trainen toen je aanklopte.
Ich habe trainiert, als du kamst.
Ik was aan het trainen toen je aanklopte.
Ich habe trainiert, als du geklopft hast.
Hij is aan het trainen.
Er trainiert irgendwo.
Was jij aan het trainen?
Hast du trainiert?
Ik was op het dak aan het trainen.
Ich habe auf dem Dach trainiert.
Ik was op het dak aan het trainen. Dat was ik.
Ich habe am Dach trainiert. -Das war ich.
Je bent in mijn huis aan het trainen.
Du hast in meinem Haus trainiert, ohne etwas zu sagen.
Misschien was ik wel aan het trainen.
Vieleicht habe ich trainiert?
Hij is zeker aan het trainen.
Er trainiert definitiv noch.
Ben je aan het trainen?
Hast du trainiert?
Ik ben… aan het trainen.
Ich habe hart trainiert.
Nou, Wahle is waarschijnlijk daar tien… keer harder aan het trainen dan jij!
Wahle trainiert wahrscheinlich zehn Mal härter als du!
Ik was aan het trainen, hè?
Ich habe trainiert, richtig?
Gratis. En het trainen van een nieuwe bende, jonge heksers.
Alles umsonst. Und eine weitere gierige junge Hexergang ausbilden.
Ze was aan het trainen.
Sie trainierte gerade.
Hij was je aan het trainen.
Er hat dich trainiert.
Het spijt me. Ik was aan het trainen.
Tut mir leid, ich hab trainiert.
Zijn visie op het trainen sprak me aan.
Sein Training war am Intervalltraining ausgerichtet.
Ik was aan het trainen.
Ich habe trainiert.
Leer hoe en waarom je tijdens het trainen metingen van bloeddruk en pols moet doen;
Erfahren Sie, wie und warum Sie während des Trainings Blutdruck- und Pulsmessungen durchführen müssen.
Uitslagen: 218, Tijd: 0.0585

Het trainen in verschillende talen

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Nederlands - Duits