Voorbeelden van het gebruik van Het was goed in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Het was goed je te ontmoeten.
Het was goed.- Ja.- Ja?
Daph, het was goed dat ie er was. .
Nee, ga maar. Het was goed je weer te zien.
Het was goed voor je.
Het was goed, ouderwets, eenvoudig eten waarmee ik ben grootgebracht.
Het was goed om Noah naar huis te sturen.
Het was goed je te zien.
En het was goed.
Maar het was goed.
Het was goed samenwerken.
Het was goed je te zien, Zoe.
Het was goed ouderwets benenwerk,
Het was goed om van je te horen.
En het was goed spul.
Het was goed om ons te bellen.
Het was goed je te zien, rechercheur.
Het was goed dat we toen uit elkaar gingen. Ja.
Ik bedoel, het was goed.
We waren begonnen, en het was goed.