Voorbeelden van het gebruik van Hoort bij in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je hoort bij je gezin.
Hoort bij m'n nieuwe identiteit.
Ze hoort bij mij te zijn.
En jij hoort bij mij.
Jij hoort bij jouw soort te zijn.
Nee.- Jij hoort bij ons, Annie.
En zij hoort bij mij.
Een man hoort bij zijn kind te zijn.
Je hoort bij de goeie Osborne.
Je hoort bij hem te zijn.
Jij hoort bij hen.
Het hoort bij onze cultuur.
Je hoort bij Josh te zijn.
Hey, je hoort bij mijn club.
Je hoort bij ons, jochie.
Hij hoort bij mijn team.
En niemand hoort bij ons.
Jij hoort bij CatCo te zijn.
Je hoort bij mij en Lola ook.
De man waarop je schoot, hoort bij ons.