Voorbeelden van het gebruik van Ik leven in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Want met zo'n oplossing kan ik leven.
Een verplettering, daarmee kon ik leven.
Onder verschrikkingen moet ik leven.
Zolang je van me houdt… Zal ik leven.
noem ik leven.
En hoe moet ik leven?
Ik zie leven.
Kon ik leven.
Geloof me, als ik dit leven opnieuw kon doen… zou ik je nooit meer alleen laten.
Blijkbaar moet ik blijven leven om het te ontdekken.
Zo wil ik niet leven.
Blijf ik leven?
Blijf ik leven?
Zal ik leven?
Deze plek en ik leven niet in het heden.
Zo kan ik niet leven.
En dus Yoko en ik leven samen onder één dak.
En toch blijf ik leven, en jij niet.
Jij en ik leven nu.