Voorbeelden van het gebruik van Job in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Het is mijn job daarover te piekeren.
Job woonde heel lang geleden in het oosten van Jordanië.
Nieuwe job, nieuwe stad.
Op een dag verliest hij zijn job.
En ze heeft het rechtgezet en ik heb mijn job terug.
Ik dacht meer aan een job als barmeid.
Bijbel, Job, Hoofdstuk 7. Read Bible online.
Ik heb een job voor je.
Het is mijn job, ik ben een houthakker.
Job prijst nog steeds m'n naam.
Mijn job is het verdedigen van Ron en Nicole.
Ik doe enkel mijn job.
We hebben elk onze job.
Beter nog, ik vraag hem mijn job terug.
Ze wist goed dat jij je job zou veilig stellen.
En gedenk onzen dienaar Job, toen hij tot zijnen Heer riep.
Dit deel van mijn job haat ik het meest.
Heb je een job voor mij?
Iedere job heeft zijn voor en nadelen.
Jou job is gewoon de verschillende fases van onderkoeling aanleren.