Voorbeelden van het gebruik van Klaarmaken in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je moet je klaarmaken voor de avondkledij.
Klaarmaken voor evacuatie. Je begrijpt het niet.
Ik kan udon klaarmaken.
Ik ga eten klaarmaken.
Ik moet een kalkoen klaarmaken en aardappelen stampen.
Of ik kan iets voor je klaarmaken.
STAP C: Klaarmaken voor de injectie.
Klaarmaken om aan land te gaan.
Klaarmaken om te enteren.
We moeten ons klaarmaken voor de Guzmáns. Als hij jou zag.
Klaarmaken om te luchten.
U kunt uw eigen ontbijt klaarmaken in uw appartement.
Ik ga me klaarmaken.
Hij wou een ontbijt klaarmaken.
Ik kan thuis wel wat klaarmaken.
Klaarmaken voor het gevecht!
Klaarmaken van de fles en de spuit.
Alle stations klaarmaken voor koppeling.
Klaarmaken voor opduiken.
Ik moet me klaarmaken voor de show.