Voorbeelden van het gebruik van Noemde hem in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
U noemde hem een spleetogige dief.
En je noemde hem Dennis?
En ik noemde hem altijd oom.
Mijn man noemde hem Mbanick als eerbetoon aan z'n beste vriend.
Iedereen noemde hem Coco.
Je noemde hem zelf je'homoseksuele vriend Russell'.
Ik noemde hem"Pooh 2.
Maar je noemde hem irritant,?
En ze noemde hem haar blauwe jongen.
Maar je noemde hem een neger.
Ze noemde hem Buddy.
Iedereen noemde hem CD. Crackhead Dave?
Je noemde hem Tom Chaney, geloof ik.
Jij noemde hem Benny.
Christopher noemde hem altijd Johnny.
Ze noemde hem de Viller.
Hij noemde hem Bouniaparte.
Zeg me als ik het verkeerd heb? Maar je noemde hem een neger.
Ik noemde hem Pete.
Je noemde hem Mr Tequila,