NOEMDE HEM - vertaling in Duits

bezeichnete ihn
sagte er
zeggen dat hij
vertellen hij
hieß ihn
nanntest ihn
erwähnte ihn
beschuldigte ihn

Voorbeelden van het gebruik van Noemde hem in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
U noemde hem een spleetogige dief.
Sie nannten ihn einen schlitzäugigen Dieb.
En je noemde hem Dennis?
Du nanntest ihn Dennis?
En ik noemde hem altijd oom.
Und ich nannte ihn immer Onkel.
Mijn man noemde hem Mbanick als eerbetoon aan z'n beste vriend.
Mein Mann nennt ihn Mbanick, zum Andenken an seinen besten Freund.
Iedereen noemde hem Coco.
Alle nannten ihn Coco.
Je noemde hem zelf je'homoseksuele vriend Russell'.
Du nanntest ihn mein schwuler Freund Russell".
Ik noemde hem"Pooh 2.
Ich nannte ihn"Pooh 2.
Maar je noemde hem irritant,?
Aber Sie nannten ihn Nervensäge?
En ze noemde hem haar blauwe jongen.
Und sie nennt ihn ihren Blaumann.
Maar je noemde hem een neger.
Du nanntest ihn doch eben einen Nigger.
Ze noemde hem Buddy.
Sie nannte ihn Buddy- Buddyjunior.
Iedereen noemde hem CD. Crackhead Dave?
Alle nannten ihn CD. Crackhead Dave?
Je noemde hem Tom Chaney, geloof ik.
Ihr nennt ihn Tom Chaney, glaube ich.
Jij noemde hem Benny.
Du nanntest ihn Benny.
Christopher noemde hem altijd Johnny.
Christopher nannte ihn immer Johnny.
Ze noemde hem de Viller.
Sie nannten ihn den Häuter.
Hij noemde hem Bouniaparte.
Er nennt ihn"Bouniaparte”.
Zeg me als ik het verkeerd heb? Maar je noemde hem een neger.
Du nanntest ihn doch eben einen Nigger.
Ik noemde hem Pete.
Ich nannte ihn Pete.
Je noemde hem Mr Tequila,
Sie nannten ihn Mr. Tequila,
Uitslagen: 425, Tijd: 0.0441

Noemde hem in verschillende talen

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Nederlands - Duits