Voorbeelden van het gebruik van Slechterik in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik ben de slechterik.
Ze zoeken een slechterik.
Misschien ben je toch geen slechterik.
En nu ben ik de slechterik.
En ik ben niet de slechterik.
Wat doen superhelden als de slechterik ze ten val wil brengen?
Hij is een slechterik en we krijgen hem.
We zien wel wie de slechterik is.
Ik ben een slechterik.
En jij bent de slechterik.
Zij is de slechterik.
Ik ben niet de slechterik hier.
Een slechterik met zoveel macht als dit?
Het slaan van de slechterik verwijdert slechte mensen om ons heen.
Geloof je nu echt dat je zo'n slechterik was?
Ik ben een slechterik.
Jij weet tenminste dat ik de slechterik niet ben.
In de jaren 80 was ik de slechterik in iedere film.
Ik ben een prinses, geen slechterik.
Ik ben geen slechterik.