Voorbeelden van het gebruik van Stok in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
En met stok bedoel ik lul.
Ik heb een stok voor je!
Het is niet zomaar een stok.
Met een stok.
En dat is de wortel en de stok.
Nee, ze had een stok.
Oké, kolonel Stok, ik luister.
En toen gooide ik de stok en het spreukenboek op het bed.
Elizabeth pakte de stok van de bewaker en sloeg hem ermee.
Hij wil vast dat ik de stok gooi of zo. Meer pech.
het is gewoon een stok.
Z'n stok.
Of, om het simpel te houden, de stok met de Nike Air logo.
Ik ben geen stok.
Was het de wortel of de stok?
Stok had je naar Siberië moeten sturen.
Stok kiest de tovenaar, Mr. Potter.
Met mijn stok in je reet.
Dot is een stok waar iedereen ons mee kan slaan.
Wil Odie de stok niet halen?