Voorbeelden van het gebruik van Vrouw ook in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
En de vrouw ook.
Anton van Croÿ was calvinist en eiste dat zijn vrouw ook dit geloof aannam.
Je vrouw ook, Grange.
Weet een vrouw ook dingen? Een moeder weet dat?
Die vrouw ook.
Een week geleden beweerde een vrouw ook de vrouw van Cristian te zijn.
Ik zie dat mijn vrouw ook tot jou doorgedrongen is.
En z'n vrouw ook?
We denken dat deze vrouw ook bij andere ontvoeringen betrokken was.
En de vrouw ook. Denk daaraan!
En mijn vrouw ook.
Miss Linnekar, kunt u die vrouw ook identificeren?
Jou niet en je vrouw ook niet!
Hoe capabel die vrouw ook is.
En zijn vrouw ook.
En de vrouw ook.
Dus je hebt een vrouw ook?
Ik ben tegen slopen en die vrouw ook.
alles was verbrand. Zijn vrouw ook.
stelde ik tot mijn ontsteltenis vast dat mijn vrouw ook 5 zussen had,