Voorbeelden van het gebruik van Zijn arm in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Neem zijn arm, moeder. O, ja.
Je ouders zijn arm, maar moet het zo duidelijk?
Zijn arm zat vast onder het landingsstelsel.
Onthoud de mes tattoo op zijn arm.
Brak je zijn arm tijdens het kaarten? Poker.
Ze zijn arm en niemand geeft om ze.
Zijn arm kwam 20 minuten geleden vast te zitten op de lopende band.
En met 'n mooi meisje met witte tanden aan zijn arm.
Ze raakte zijn arm aan.
Schat, ze zijn arm en smerig.
Kunnen ze zijn arm er weer aanzetten?
De codes zitten op zijn arm.
Weet je nog toen je zijn arm brak?
Wij zijn arm.
Zijn arm is oké.
Heeft een klein probleem met zijn arm en naald.
Dwong iemand hem naalden in zijn arm te steken?
Veel mensen zijn arm, maar stelen niet.
Zit zijn arm weer vast in een snoepautomaat?
Ik lag met mijn hoofd op zijn arm.