Voorbeelden van het gebruik van Arm kind in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Arm kind, het doet me zo ontzettend veel verdriet.
Geef dat arm kind eten!
Ze heeft een inwendige T.B. Arm kind.
Arm kind, ik heb met haar te doen.
Hij is moe. Arm kind.
Ze kon er zelfs niet van huilen, arm kind.
Maar toch… Arm kind.
N Slachtoffer van deze moderne tijd, arm kind.
Ik zal je eens verwennen. Arm kind.
Ik had er zo'n half dozijn in mijn tijd, Arm kind. allemaal verfoeilijke nachtmerries.
Nee, nee. Niet arm kind.
En nog bij haar moeder wonen…- Arm kind.
Elk jaar verrast Morning Mimosa's een arm kind met drie blije dagen.
Een van hen is een arm kind in het Lying-In-ziekenhuis.
Ze heeft zoveel meegemaakt. Arm kind.
Aan een arm kind.
Maar ze heeft wel ogen. Arm kind.
Niet slecht voor een arm kind uit Highland park.
Arm kind. Lurch,
Zijn leven zal nooit meer hetzelfde zijn. Arm kind.