Voorbeelden van het gebruik van De vreemde in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
De vreemde biedt je iets lekkers aan.
Stond de vreemde dicht bij je broer?
En de vreemde die nadert, zal gedood worden.
En de vreemde die nadert, zal gedood worden.
Was zij de vreemde. De eerste keer in bed met haar.
De vreemde biedt je iets lekkers aan.
De vreemde… bracht haar terug als een goede herder.
De vreemde… bracht haar terug als een goede herder.
Wat wilt de vreemde?
Omdat dat, wat de vreemde had mee gebracht, een spiegel was.
Alleen de vreemde.
En de vreemde die nadert, zal gedood worden.
Stop ook even bij de vreemde veelvraat, een dier uit sprookjes en legendes.
Voor hen ben jij de vreemde.
u… bent de Vreemde.
Jij bent de vreemde.
De vreemde haalt haar wenkbrauwen op en zucht.
Ik ken de vreemde naast me niet.