Voorbeelden van het gebruik van Haar vasthouden in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Lekker knuffelen en haar vasthouden?
We zullen haar vasthouden.
De mensen die haar vasthouden.
Je moet haar vasthouden.
Jullie moeten haar vasthouden.
En van Dessa mocht ik haar vasthouden.
Je mag haar vasthouden.
We moesten haar vasthouden.
Laat me haar vasthouden.
En ik wil haar vasthouden… tot een formele hoorzitting.
Als ze haar vasthouden.
Wilt u haar vasthouden, Mr Dorrit?
Laat iemand haar vasthouden!
Wil jij haar vasthouden, Dean?
Ik wilde haar vasthouden, dus dat deed ik.
Kunnen jullie haar vasthouden, en ik zal het dan wel doen?
Als ze haar vasthouden kan hij ons vertellen waar.
Wil je haar vasthouden voor Darci haar ophaalt?
Wil je haar vasthouden, Will?
Het zuivert. jullie moeten haar vasthouden. Jim, Pat.