Voorbeelden van het gebruik van Hem gelijk in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Ecclesiastic
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik dood hem gelijk.
Niets is aan Hem gelijk. Hij is de horende, de doorziende.
Ik had hem gelijk moeten vervloeken.
Ik moet hem gelijk spreken.
En de Turken lijken hem gelijk te geven.
Download de cadeaubon of print hem gelijk op mooi papier.
Klik op de video die je wilt zien en je kunt hem gelijk daar bekijken!
De dame wees hem gelijk aan.
Laten we een helper voor hem gelijk aan zichzelf.
Weet je wat, ik ga hem gelijk maken.
Ja. Papa, we sturen hem gelijk terug.
Ja. Papa, we sturen hem gelijk terug.
mijn moeder sprong hem gelijk in de armen.
ik zag hem gelijk.
En anderen: Hij is hem gelijk. Hij zeide:
Wij willen in Hem zijn, Hem gelijk worden om bij Zijn verschijnen in genade te worden aangenomen.
Zodat ze hem gelijk kunnen behandelen. Oké, dan stuur ik
Zodat ze hem gelijk kunnen behandelen. Oké, dan stuur ik wat ik heb.
Anderen zeiden: Hij is het; en anderen: Hij is hem gelijk.
We stoppen hem hier in de auto en brengen hem gelijk naar het vliegveld.