Voorbeelden van het gebruik van Hoeft niet in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Je hoeft niet echt.
Hoeft niet tegelijkertijd te zijn.
Je hoeft niet onder mij te werken.
Dit hoeft niet vervelend te zijn.
Ja, maar jij hoeft niet na te denken.
Maar je hoeft niet alles te weten.
Je hoeft niet meer te dansen.
Romano, zij hoeft niet te repeteren.
Je hoeft niet zelfs als zij.
Je hoeft niet meer tegen die stortbak te vechten.
Privéonderwijs hoeft niet beter te zijn.
Dat hoeft niet bij deze mensen.
Maar je hoeft niet bang te zijn voor Maggie.
U hoeft niet vandaag te beslissen.
Maar het hoeft niet vandaag.
Je hoeft niet te vluchten.
Maar je hoeft niet op zoek naar Tarzan.
Je hoeft niet terug te komen.
Dat hoeft niet te gebeuren, Martha.
Jij hoeft niet eenzaam te zijn.