Voorbeelden van het gebruik van Ik tel in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik tel mijn zegeningen.
Ik tel er tien.
Ik tel 12, 13 locaties.
Ik tel het elke avond.
Ik tel 30, 40 vijanden die naderen vanuit het noorden.
Ik tel er vier.
Ik tel vier piraten op het dek.
Ik tel tien camera's.
Ik tel en jij verstopt je, oké?
Ik tel 30 vijanden.
Ik tel en jij verstopt je.
Ik tel er 3.
Ik tel en jij verstopt je, oké?
Ik tel 19 miniflesjes shampoo
Ik tel tot vijf.
Ik tel drie mensen.
Ik tel de gaten.
U kunt klaarkomen als ik tel tot nul JOI 02:18.
Ik tel vier tegen één.
Ik tel zes man, zwaar bewapend.