Voorbeelden van het gebruik van Meen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik meen dat het belangrijk is deze leer in herinnering te brengen.
Jazeker meen ik dat.
Ik meen dat hij het was. Janne Kiiski.
Ik meen het, Pat. Courtney.
Ik meen dat hij crisisadviseur is.
Ik heb begrip voor deze mensen. Dat meen ik.
Meen je dat? Weet je echt niet wie ik ben?
Na verloop van tijd veranderde"meen" in"my" zoals we dat kennen.
Meen je dat, m'n rode gympen?
Ik meen het Doug. Hey.
Ik meen dat ik hem ontmoet heb.
Ik meen het, Pat. Courtney.
Ik meen dat hij crisisadviseur is.
Meen je dit serieus?
Ik meen nog steeds dat ik"room" zei in goed Italiaans.
Meen, luister je wel?
Meen je dat? Wat?
Ik meen dat. De professoren.
Ik meen dat het goed gaat.
Oh! Ik meen het, Jase Meredith!