Voorbeelden van het gebruik van Naïef in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik ben niet zo naïef, Julio.
Hij is of gevaarlijk naïef of gevaarlijk slim.
Liz, ik denk dat dat naïef is.
Dat ik zo naïef was.
En zo naïef.
Maar ik ben niet naïef.
Je vindt me wel heel naïef.
En nee, zo naïef ben ik niet.
Zo eerlijk en naïef.
En jij bent zo naïef.
bijna opzettelijk naïef.
Ja, maar… Nee.-Ik ben zo naïef.
Dan is hij naïef.
Je bent niet naïef, Lily.
Wees niet naïef.
Ik ben niet naïef, Daimon.
Wees niet zo naïef.
Mijn dochter is zo naïef.
Ik was toen erg naïef.
En ik ben niet naïef.