Voorbeelden van het gebruik van Net goed in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik ben net goed hier.
Kun ze net goed erin laten.
Dan kan ik net goed zeggen dat ik schuldig ben.
Het vijfde? Dan kan ik net goed zeggen dat ik schuldig ben?
Net goed.
Misschien net goed.
Nee, waarschijnlijk net goed.
Het is net goed.
Niet nu stoppen, het werd net goed.
Voor een volwassene is sluw zijn net goed.
Ik denk dat ik het net goed verpest heb.
Ik vind het net goed zo.
Het werd net goed.
He, het werd net goed.
Misschien is dat net goed.
Nee, het ging net goed.
Baby, je gaat net goed.
Dat kan ik net goed.
Die ging net goed.
Het werd net goed.