Voorbeelden van het gebruik van Ontsporen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik ga je niet laten ontsporen door een stuk uitschot.
Die kunnen je echt ontsporen.
hoe dingen ontsporen.
hoe dingen ontsporen.
De trein zal ontsporen.
Ik laat onze toekomst niet ontsporen door één man.
Kan jij de trein laten ontsporen en in de afgrond laten storten?
Dus haar moederinstinct laat haar ontsporen.
Als je een vergissing maakt, laat dan niet daardoor je hele toespraak ontsporen.
Wat betekent ontsporen?
We kunnen een rubberen band om de pols doen en losschieten als we ontsporen.
OK, laat je woede niet ontsporen, Ade.
Hij gaat ons ontsporen.
Uiteindelijk zal ze ontsporen, Stefan.
Luister, deze trein gaat ontsporen.
Deze trein gaat ontsporen.
Die trein moest ontsporen.
dan kan leiderschap ontsporen bv.
Lk zie mijn kleindochter niet graag ontsporen.
Haar aanwezigheid dreigt het hele project te doen ontsporen.