Voorbeelden van het gebruik van Onverschillig in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Het is een zeer opbouwend getuigenis, die u niet onverschillig zal laten.
Maar je was onverschillig.
Je zou verbaasd zijn als je wist hoe onverschillig de meeste mensen zijn.
incompetent en onverschillig zijn.
Conrad is hartstochtelijk onverschillig over Middleton.
Ik heb me nog nooit zo onverschillig gevoelt in m'n hele leven.
Heel onverschillig. We willen een eeuwenoude vraag beantwoorden.
Hij is onverschillig, onverantwoordelijk.
Ik ben niet onverschillig zoals u het noemt, Miss Howard.
aanstekelijke elektropop laat niemand onverschillig.
Ik ben niet onverschillig.
Hij was zo onverschillig over Cilla.
Misschien ben je van nature onverschillig.
U zult niet onverschillig blijven.
Je bent onverschillig.
Buig en kijk onverschillig, alleen voor mij.
Heel onverschillig. We willen een eeuwenoude vraag beantwoorden.
U lijkt onverschillig dat Martha Napps baby ontdekt werd na haar dood.
De goden waren… onverschillig.
Ben je dom of onverschillig?