Voorbeelden van het gebruik van Opdoen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Hij moest bij ons gevechtservaring opdoen.
Oké, laten we ze gewoon opdoen.
Ik zou een masker opdoen.
Kennis opdoen en delen als belangrijke factor in het verhogen van de toegevoegde waarde.
Het opdoen van RD team lidmaatschap tot 35 personen;
Nieuwe kennis opdoen over onze diensten;
Julie zegt dat ik meer ervaring in het echte leven moet opdoen.
Hoefsmid! Nu kunt je je hoeden opdoen.
Kennismaken met vakgebieden en praktijkervaring opdoen.
Bijzonder' betekent: opdoen van verfrissende nieuwe ervaringen! Bijzonder Outdoor.
Ervaring opdoen met de toekomst is belangrijk.
Kennis die kinderen opdoen door middel van leerzaam speelgoed blijft beter hangen.
Je zult geld besparen en ervaring opdoen.
Lndrukken opdoen.
Ga je die badge weer opdoen of wat?
Ik was mijn makeup aan het opdoen, en ik zag je niet.
Een nieuwe vaardigheid opdoen is een uitdagend en tijdrovend proces.
Ervaring opdoen met BPEL door een complexe applicatie te bouwen.
Over de ervaringen die we tijdens dat traject opdoen berichten we hier.
Tijdens de onboarding hielp de chatbot me met het opdoen van productkennis.