Voorbeelden van het gebruik van Haar mobiel in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
We hebben haar mobiel bekeken.
Ik probeerde haar mobiel, maar kreeg meteen de voicemail.
Bel haar mobiel.
Beantwoord haar mobiel niet.
Ik heb haar mobiel gebeld.
Isabel beantwoordt haar mobiel niet.
Luister eens naar deze voicemail. Ik vond haar mobiel.
Ze is niet op kantoor en beantwoordt haar mobiel niet.
Haar mobiel, haar portemonnee en haar reistas, maar haar rugzak is weg.
Zo'n 20 meisjes konden bij haar mobiel, omdat ze die in haar tas had gelaten.
Een tien-seconden oproep was het laatste op haar mobiel. Een tien-seconden oproep naar jou.
Ze heeft haar mobiel uitgezet, maar ik weet zeker dat ze het aanzet om jou te bellen.
En het lijkt erop dat ze haar mobiel heeft uitgezet, dus geen spoor daarvan.
Hall zag haar mobiel voor haar liggen, wist wat ze deed, en gaf er een klap op.
Of ze heeft de batterij uit haar mobiel gehaald, voordat ze binnen 1,5 km van de toren kwam,
kleine meisje daar heeft het op haar mobiel staan.
Je beseft ook dat je Twitter hulp vraagt aan de vrouw die pas ontdekte dat haar mobiel een kalender heeft.
zette haar boodschappen neer, haar mobiel en sleutels maar niet haar jas.
Iemand heeft de locker met Mayka's spullen geforceerd en haar mobiel meegenomen.
dus ik ging naar huis… controleerde haar kamer, en haar mobiel was daar.