Voorbeelden van het gebruik van Hij slaapt in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Zodra hij slaapt, help ik je.
Ik wil gewoon dat hij slaapt.
Hij slaapt met iedereen.
Je weet niet zeker dat hij slaapt.
Hij slaapt met een doof meisje.
Zullen de furies op nacht uw dierbaren wreken, terwijl hij slaapt.
Hij slaapt letterlijk met de vijand.
Wij gaan met de truck als hij slaapt.
Hij slaapt maar in de garage!
Waarom geef je erom met wie hij slaapt?
Hij slaapt morgen bij de burgemeester,
Ik wou net Alex wakker maken. Hij slaapt anders een week.
De baby hoeft niet te luisteren want hij slaapt.
Hij slaapt.
Hij slaapt nog steeds.
Hij slaapt al de hele dag.
Daar, hij slaapt op de stort.
Hij slaapt als ik hem vasthoudt.
