KLAGEN - vertaling in Frans

se plaignent
klagen
klacht
zich beklagen
mopperen
zeuren
geklaag
zhalovatsya
dénoncent
aangeven
opzeggen
verraden
aan te klagen
aan te geven
verklikken
aanklagen
kaak
beëindigen
ontmaskeren
reprochent
verwijten
kwalijk nemen
schuld
aanwrijven
déplorent
betreuren
jammer
se lamentent
klagen
jammeren
poursuivons
voortzetten
voort te zetten
verder
doorgaan
voortzetting
door te gaan
nastreven
aanklagen
vervolgen
na te streven
râler
zeuren
klagen
inculper
aanklagen
aan te klagen
beschuldigen
veroordelen
gémir
kreunen
klagen
janken
jammeren
zeuren
ze kreunde
met janken
pleurnicher
zeuren
huilen
op met janken
jammeren
janken
klagen
gejammer

Voorbeelden van het gebruik van Klagen in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Niet klagen. Je wordt jonger en mooier.
Ne te plains pas, ça va te rajeunir.
Niet klagen, dat zijn de regels.
Ne vous plaignez pas, ce sont les règles.
Blijf klagen en ik geef je er twee.
Si tu continues de te plaindre, je t'en obtiendrais deux.
Ik wil klagen over het gedrag van drie van uw personeelsleden.
J'aimerais me plaindre du comportement de trois de vos employés.
Je moet klagen bij de sociale programma's die jouw herverdelingsgeld kregen.
Plaignez vous donc aux programmes sociaux. qui les ont reçus.
Niet klagen, Jela.
Ne te plains pas, Jela.
Stop met klagen. Ga zoeken.
Arrête de te plaindre.
Ik mag over dingen klagen, ik kan nu echt over dingen gaan klagen.
Je peux me plaindre, je peux vraiment me plaindre maintenant.
We klagen haar aan voor poging tot moord.
On l'accuse de tentative de meurtre.
Hoor mij nou klagen, terwijl je man voor z'n leven vecht.
Je me plains alors que votre mari se bat pour sa vie.
We mogen niet klagen, jij niet en ik ook niet.
Nous n'avons pas le droit de nous plaindre! Ni toi… Ni moi.
Ik mag niet klagen. Het is een geweldig team.
Je n'ai pas à me plaindre, vous avez une bonne équipe.
Ze mogen niet klagen, zoals u zal zien.
Ils n'ont pas à se plaindre. Vous verrez.
Ik mag niet klagen en probeer dat niet te doen.
Je ne me plains pas. J'essaie.
We klagen haar aan als een volwassene.
On l'accuse en tant qu'adulte.
Niet klagen, hoor.
Ne vous plaignez pas.
Hou op met klagen zodat ik ervan kan genieten!
Et je voudrais que tu cesses de te plaindre pour que j'en profite!
Waarom stop je niet met klagen en doe je het gewoon?
Pourquoi tu n'arrêtes pas de te plaindre et tu ne le fais pas?
Mensen klagen dat ze teveel willekeurige vaten hebben.
Les gens se plaignent du trop grand nombre de barils.
Nadat je jezelf hebt gemerkt klagen, vraag jezelf dit.
Une fois que vous avez remarqué vous plaindre, demandez-vous ceci.
Uitslagen: 1005, Tijd: 0.0942

Top woordenboek queries

Nederlands - Frans