Voorbeelden van het gebruik van De koekjes in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
De koekjes zijn erg lekker.
Aubie, zet de koekjes hier aan de rand van de tafel.
De koekjes waren vast erg lekker.
De koekjes zijn klaar.
De koekjes en verjaardagskaarten.
Editie 2019: Tel de koekjes en neem deel aan de SpaDreams-kerstloterij.
De zelfgemaakte koekjes kunnen prachtig geserveerd worden op ons kerstservies.
In de koekjes van het leven, zijn je vrienden de stukjes chocolade”.
Nog niet, maar de koekjes.
Elzear, beschermheilige van de koekjes.
en… eh… Drink wat en proef de koekjes.
Reg heeft de koekjes.
Oké, dan kun jij de koekjes aannemen.
Haal de plaat uit de oven en laat de koekjes afkoelen.
Jij en ik, wij zijn de harde koekjes.
Hou de koekjes.
Ik vergat de koekjes!
Ik at de speciale koekjes die mijn moeder voor mij gemaakt had.