Voorbeelden van het gebruik van Gijzelen in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Maar ons gijzelen om het te bewijzen was het domste idee dat je ooit heb gehad.
ze kan de VS niet gijzelen.
De anti-ransomware-tools van Avira beschermen uw bestanden tegen aanvallers die deze in ruil voor geld gijzelen.
Ze werkte met haar vader tweemaal: in de gehele negen werven in 2000 en het gijzelen in 2005.
Lemon Breeland, je staat onder arrest voor het gijzelen van Dr Hart met een dodelijk wapen.
Dus ze wilden u gijzelen. Het ging ze om 'n grotere klapper?
Ze werkte met haar vader tweemaal: in de gehele negen werven in 2000 en het gijzelen in 2005.
De Palestijnen willen de Arabische wereld blijven gijzelen met hun eigen onrealistische eisen.
De Palestijnen willen de Arabische wereld blijven gijzelen met hun eigen onrealistische eisen.
Een stel gehersenspoelde maniakken kunnen de stad niet eeuwig gijzelen.
Als Elizabeth je dochter moest gijzelen als garantie dat u haar zou gehoorzamen… waarom zou ze u dan zonder toezicht vertrouwen?
Michael, Lincoln en Kellerman gijzelen een camera-man en doen een boodschap aan Sara op tv.
Vijf van ons gaan daarheen, gijzelen die koets, en brengen die sletten hierheen?
Deze virussen worden meestal verspreid via de Facebook Messenger- criminelen gijzelen willekeurige gebruikersaccounts
Met zijn sleutels en zijn kluiscodes. Want we gijzelen hem de avond ervoor.
Wat denk je dat de mensen in Sonora doen, als we hun dames gijzelen?
een glimp opvangt van drie gemaskerde vreemden die je ouders gijzelen.
Banken hacken is tot daaraan toe, maar gijzelen en dreigen onschuldige mensen te doden voor losgeld?
Tunesiërs kunnen niet 502 miljoen Europeanen gijzelen, maar de vragen blijven
Wij kunnen dit land niet laten gijzelen door de interne problemen van de EU