Voorbeelden van het gebruik van Hem haat in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
boze zakelijke partner, iemand die hem haat?
in zijn compromisloze woorden is Jezus zo aanstootgevend dat de wereld Hem haat.
Als een slecht mens hem haat… maakt dat van je vader een goed mens?
En het feit dat Constantine hem haat is een bonus,
zijn lichaam aan zijn broer word overgedragen, die hem haat en vreest, 400.000.
omdat iedereen van mijn familie hem haat, wat een heel lang verhaal is.
Prop 40, cor 1- Wie zich voorstelt dat iemand, dien hij liefheeft, hem haat, zal door Haat
krijgt de blikken van de dames en ongeacht hoe je hem haat kan, diep neer u wilt wat hij heeft en je wilt het slecht.
Ja, maar de sleuten tot zijn onschuld hangt af van de getuigenis van een vrouw die hem haat en hem misschien in de gevangenis wil houden, wat de waarheid ook is.
in een kelder gedwongen. In angst voor de stad, die hem haat.
hoe komt het dan dat de Duivel hem haat en vervloekt, en hem zijn vrienden afneemt?
een Droefheid gevoelen, vergezeld door de voorstelling van dengeen die hem haat, ofwel(vlg. dezelfde Opmerking)
hij iets zo verprutst dat jij hem haat… dus heb ik afgewacht en zag hem die afschuwelijke dingen doen…
Zelfs voor de mensen die hem haten.
Straks is hij overleden met de gedachte dat ik hem haatte.
Hij zei dat Black hem haatte.
Ze stak haar vriend neer omdat ze hem haatte.
Weet alleen dat papa hem haatte.
Jij bent het die hem haatte.
Hun vader is dood omdat Tiberius hem haatte.