KOEKJE - vertaling in Spaans

galleta
cracker
cookie
biscuit
koek
wafel
kraker
een koekje
beschuit
bizcocho
biscuit
cake
taart
biscuitgebak
muffin
koekje
cupcake
beschuit
brownie
pastel
taart
cake
koek
gebak
pie
pastei
pastelkleuren
taartje
cookies
cookie
cookiebeleid
panquecito
koekje
biscuit
koekje
bisque
galletas
cracker
cookie
biscuit
koek
wafel
kraker
een koekje
beschuit
galletita
cracker
cookie
biscuit
koek
wafel
kraker
een koekje
beschuit
galletitas
cracker
cookie
biscuit
koek
wafel
kraker
een koekje
beschuit
pastelito
taart
cake
koek
gebak
pie
pastei
pastelkleuren
taartje

Voorbeelden van het gebruik van Koekje in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Wil je een koekje met je thee?
¿Quiere una galletita con el té?
Ik was een koekje aan het eten.
Yo estaba comiendo galletitas.
Geweldig, een klein beetje slaapzand en een koekje.
Genial. Un poco de polvo de dormir y un pastelito.
Kijk om het hoekje, hier komt een koekje.
Miren, miren para acá Aquí vienen las galletas.
Koffie en een koekje, alstublieft.
Un café y un bizcocho, por favor.
Een koekje werkt altijd.
Una galletita siempre parece funcionar.
Neem een koekje, m'n moeder heeft ze gemaakt.
Agarren algunas galletitas, mi mamá las hizo. Están muy buenas.
Ik wil slechts mijn mobieltje, koekje.
Solo quiero mi móvil, pastelito.
Wilt er iemand, koffie, thee of een koekje?
¿alguien quiere galletas, café, té?
Een koekje voor de eerste dag?
¿Una galletita para el primer día?
Hoe maak je een crème koekje koken?
Cómo cocinar un bizcocho de crema?
Kom. We nemen een koekje.
Vamos, busquemos unas galletas.
Dat koekje maakt jou belachelijk.
Esa galletita se está burlando de ti.
Honing Yuzu, artisjok en rabarberhoningkoekje Koekje met peterselie.
Bizcocho de miel de yuzu, alcachofa y ruibarbo con perejil.
Guy wil spelen met natte koekje 07:09.
El chico quiere jugar con galletas húmedas 07:09.
Je hebt een koekje en wat friet.
Tienes una galletita y algunas papas fritas.
Hij gaf me 'n koekje.
Me dio un bizcocho.
een toast of een koekje.
tostadas o galletas.
Noem me niet koekje, dan noem ik jou niet cake.
No me llames galletita y no te llamaré pastel.
Misschien krijgen we thee en 'n koekje.
Podemos conseguir una taza de té y un bizcocho.
Uitslagen: 1068, Tijd: 0.0711

Koekje in verschillende talen

Top woordenboek queries

Nederlands - Spaans