Voorbeelden van het gebruik van Koffertje in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
vermist meisje gevlucht met een koffertje.
Een bom in een koffertje.
Uiteindelijk bleek dat het koffertje leeg was.
Hij had 'm in z'n koffertje toen hij mij ontmoette bij de steengroeve.
Waarom? Wat zit er in het koffertje, Lina?
Het is een koffertje, Jeff.
Had hij het koffertje met Neal's pistool nog bij zich?
Daar gaat uw koffertje, Mr. Zerga. -Geweldig.
Verdomme. Hij heeft mijn koffertje.
Mijn koffertje is weg.
Een advocaat kan met zijn koffertje meer stelen dan honderd gewapende mannen.
Ze laat't koffertje achter bij de roltrap. Jij pikt't op.
Geef mij het koffertje, en we gaan beiden onze eigen weg.
Misschien zat het niet in het koffertje.
Dus jij had geen gestolen schilderij in dat koffertje?
iemand heeft babyolie gelekt in je koffertje.
Ik ga voor koffertje nummer 3.
Ik bewonderde uw koffertje.
Mathilde Bel- Een mooie fles chardonnay bewaard in een koffertje.
Uw handschoenen, uw koffertje.