Voorbeelden van het gebruik van Zei iets in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Lumière zei iets over de westvleugel.
Je zei iets tegen Dr.
Hij zei iets… om het te laten verschijnen.
Zoë zei iets over veel geld dat je verloren had.
En je zei iets?
De video zei iets over het ophalen van een vloeistof.
Je vader zei iets over een nano-virus.
Wel, je zei iets dat ik niet kon verstaan.
Lucas zei iets over spasmen.
Je zei iets over het juiste doen.
Hij zei iets over een plek in de woestijn.
Je zei iets tegen haar over de telefoon waardoor ze wegliep.
Rachel zei iets over Anna?
Wilfred…(water bubbelt) Je zei iets terwijl je onder narcose was.
Jack zei iets over een draak?
Ik dacht ik bel je even, je zei iets over een feestje.
Paul zei iets over een dead drop, waar hij de pillen ophaalde.
Nee, maar een vriendin in County zei iets.
Het spijt me. Je zei iets tegen me, want ik zag je lippen bewegen.
Kurt zei iets tegen jou dat je aan het lachen maakte.