Voorbeelden van het gebruik van Zuchten in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Omdat je blijft zuchten en kreunen.
Afhangende schouders, veel zuchten.
Je moet op je bagage zitten, zuchten en een kruis slaan.
Want in plaats van mijn brood komt mijn zuchten.
Paarden kunnen ook zuchten en gillen.
Wat, dat zuchten?
Stop met zeuren en zuchten.
En tranen en zuchten en kreunen mijn vermoeide dagen.
Maar nu gaan mijn jaren heen in zuchten.
Mijn plage is zwaar boven mijn zuchten.
Zuchten tegen elkaar brengt oordeel van God met zich mee.
Droefheid en zuchten moeten wegvlieden”;
Kan ik logenstraffen-e-eve De magie van je zuchten?
Shakespeare schreef dat liefde rook is, gemaakt met de rook der zuchten.
Niet zuchten.
Brug der Zuchten.
De nacht der zuchten.
Dag der zuchten.
Warmer dan Mei haar tedere zuchten.
Italië, venetie, brug van zuchten.