USED TO HAVE - vertaling in Nederlands

[juːst tə hæv]
[juːst tə hæv]
had vroeger
have formerly
have previously
had altijd
have always
always got
have been
ooit had
have ever
have once
ever got
had voorheen
have previously
eerst had
have first
first time ever
before you do
was vroeger
his previous
his earlier
his old
his former
bezat vroeger
vroeger hadden
have formerly
have previously
hadden vroeger
have formerly
have previously
hadden altijd
have always
always got
have been
hadden ooit
have ever
have once
ever got
ooit hadden
have ever
have once
ever got
hadden voorheen
have previously
vroeger hebben
have formerly
have previously
altijd hadden
have always
always got
have been
voorheen hadden
have previously

Voorbeelden van het gebruik van Used to have in het Engels en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Ecclesiastic category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Computer category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
stop comparing everything with what you used to have.
vergelijk niet meer met wat je eerst had.
You used to have Dutch citizenship former Dutch citizen.
U bezat vroeger de Nederlandse nationaliteit oud-Nederlander.
I used to have a kid sister,
Ooit had ik een kleine zus,
I used to have such good gaydar. Look at.
Ik had altijd zo'n goede homo-radar.
You used to have a bit of a crush on me, right?
Je was vroeger toch 'n beetje verliefd op mij?
I used to have a friend-Pedro.
Ik had vroeger een vriend.
Looks like the one I used to have.
Hij lijkt op die ik eerst had.
We used to have sex all over the house.
Vroeger hadden we overal seks.
I used to have an office like this.
Ik had altijd een kantoor als dit.
I used to have a fear of flying,
Ik was vroeger bang om te vliegen,
Thank you. I used to have a pool.
Bedankt. Ik had vroeger een zwembad.
Zippy, you remind me of a blind cat I used to have.
Zippy, je herinnert me aan een blinde kat die ik ooit had.
This church was built around 1200 and used to have two towers.
Deze kerk is rond 1200 gebouwd en bezat vroeger twee torens.
We used to have a lot of fun.
We hadden vroeger veel lol.
We used to have a solid ice, blue.
Vroeger hadden we effen ijs, blauw.
You used to have a really good appetite.
Je had altijd een goede eetlust.
You used to have big stars.
Je had vroeger grote sterren.
I used to have a thing for trains. Cool.
Ik was vroeger dol op treinen. Cool.
This gives the house the body as it used to have.
Het geeft het huis weer de body die het ooit had.
He and I used to have such fun.
Hij en ik hadden altijd zoveel plezier.
Uitslagen: 800, Tijd: 0.056

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Engels - Nederlands