Voorbeelden van het gebruik van Bekvechten in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik, bekvechten? Dat is belachelijk.
We houden op met bekvechten en gaan aan de slag.
Jongens, niet bekvechten.- Luister, gladde.
Ik, bekvechten? Dat is belachelijk?
Gaan jullie weer bekvechten?
Kijk ons weer bekvechten.
Ik wil niet meer bekvechten.
Ik ga mooi niet bekvechten.
Kijk Ida, ik wil niet bekvechten.
Ik wil hier niet over bekvechten.
Wil je hier echt blijven zitten bekvechten over Mr Wellick?
Ik hoorde Jessica en Elizabeth bekvechten over wat geld.
Ik ga niet bekvechten.
Hem en Dre bekvechten.
Ik wil niet bekvechten.
Twee?- Waarom wil je bekvechten?
Het spijt me dat je ons moest zien bekvechten.
En dan moeten we niet meer bekvechten.
Bekvechten met jou is verspilde moeite, Marcus.
Ik hoorde jullie bekvechten aan de telefoon.