BRANDT - vertaling in Duits

Brennt
verbranding
prikken
branderigheid
braden
branden
te branden
brandend gevoel
burn
het branden
staan
Brandt
het brandt
leuchtet
schijnen
verlichting
gloeien
gloed
verlichtingsarmaturen
oplichten
stralen
schitteren
armaturen
lichten
schmort
stoven
zitten
branden
sudderen
smoren
gaarkoken
stoof
rotten
Brennen
verbranding
prikken
branderigheid
braden
branden
te branden
brandend gevoel
burn
het branden
staan
Brannte
verbranding
prikken
branderigheid
braden
branden
te branden
brandend gevoel
burn
het branden
staan
Brennst
verbranding
prikken
branderigheid
braden
branden
te branden
brandend gevoel
burn
het branden
staan
Brandts
het brandt
leuchten
schijnen
verlichting
gloeien
gloed
verlichtingsarmaturen
oplichten
stralen
schitteren
armaturen
lichten

Voorbeelden van het gebruik van Brandt in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Als het lampje van de microfoon niet brandt, is spraakbesturing uitgeschakeld.
Wenn das Mikrofonlämpchen nicht leuchtet, ist die Sprachsteuerung deaktiviert.
Waarom brandt je niet?
Warum brennst du nicht?
Als je niet brandt, doe je het mis.
Brennen sie nicht, macht ihr es falsch.
Hij brandt hun huizen plat… hun winkels.
Er brannte ihre Wohnhäuser nieder.
Brandt heeft een geheim.
Ich muss Brandts Geheimnis herausfinden.
Brandt, je bent van mij.
Du gehörst mir. Brandt.
Mijn hart brandt van verlangen, Romila.
Mein Herz brennt vor Verlangen, Romila.
Bij maximale warmtebuffer verwarmd boven 100% LED brandt.
Bei maximaler Wärmepuffer über 100 erhitzt% LED leuchtet.
Als het lampje brandt is de taxi vrij.
Wenn keine Anzeigelichter leuchten, ist das Taxi von einem Fahrgast besetzt.
Je brandt. Het is geen echt vuur.
Du… brennst! Es ist kaltes Feuer.
Het brandt daar beneden.
Ich fühle es da unten brennen.
De goden maken een groot vuur dat 4 dagen brandt.
Um die Glocken zu gießen wurde ein großes Feuer angezündet, das drei Tage brannte.
Ik heb Brandt z'n dossier nodig.
Ich brauche Brandts Krankengeschichte.
Een zekere Dr. Brandt. We moeten hem onderzoeken.
Den müssen wir überprüfen. Ein Dr. Brandt.
En als Sparta brandt, zullen jullie zwemmen in het goud.
Und wenn Sparta brennt, werdet ihr in Gold baden.
In de andere landen brandt de dagrijverlichting permanent.
In den anderen Ländern leuchtet das Tagfahrlicht dauerhaft.
Het woord'plaats' brandt en het woord'geen' niet.
Die Wörter"Zimmer frei" leuchten, und das Wort"kein" nicht.
Jij brandt van jaloezie.
Du brennst vor Neid.
Je brandt liever dan dat je knielt.
Du wolltest lieber brennen als knien.
Dit licht brandt altijd.
Das ewige Licht brannte ständig.
Uitslagen: 1804, Tijd: 0.058

Brandt in verschillende talen

Top woordenboek queries

Nederlands - Duits