Voorbeelden van het gebruik van Goed nummer in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Dat is pas 'n goed nummer.
Dat is ook een goed nummer.
Weet u de sleutel tot een goed nummer twee?
Het is een goed nummer.
Op die manier verpest je geen goed nummer.
Dit is zo'n goed nummer.
Ieder 't zijne. Dat is pas 'n goed nummer.
Oké. Dit is geen goed nummer. Wanneer.
Geef me 'n goed nummer.
Het is een goed nummer.
Maar het is 'n goed nummer.
Die heeft maar één goed nummer.
Wel een goed nummer.
Dit is een goed nummer.
Dat is een goed nummer.
Geef me een goed nummer.
Je hebt net een goed nummer verpest.
Dan verpest je geen goed nummer.
Het is wel een goed nummer.
Ja, dat is een goed nummer, hè?