Voorbeelden van het gebruik van Grote jongen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
De grote jongen.
Het is net een grote jongen, hè?
Grote jongen.
Kom maar te voorschijn, grote jongen.
En ik ben nu een grote jongen.
Daar is mijn grote jongen.
Grote jongen. Mooi.
Grote jongen.
Goed nieuws, grote jongen.
Hij was een grote jongen.
Ik zal je missen, grote jongen.
Goedemorgen, grote jongen.
Wat de FBI betreft, ben jij de grote jongen.
Geef me de bal, grote jongen.
Niet huilen, grote jongen.
Grote jongen, internationaal.
Grote jongen.-En jouw schnabbel?
Je bent terug, grote jongen.
Waar ben je, grote jongen?
Je bent een grote jongen nu.