Voorbeelden van het gebruik van Het stom in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik weet dat het stom is, maar ik droomde altijd van witte paarden.
Ik vind het stom dat ze moeten oefenen om getrouwd te zijn.
Ik zei toch dat het stom was.
Geef het maar toe, je vindt het stom.
Ik weet dat het stom is.
Jill en Karen vinden het stom.
Omdat we onderbewust weten dat het stom zou zijn om hier weg te gaan.
Ik weet dat het stom is, maar ik haat ze gewoon.
Ik weet dat het stom klinkt.
Zie je wel dat het stom was.
Ik noem het stom.
Ik vond het stom.
Ik vind het stom me hierheen te laten komen.
Ik vond het stom.
Of was het stom?
Ik realiseer me dat het stom is.
Ja. Ik weet dat het stom klinkt.
Howie en ik vinden het stom.
Nee, ik vind het stom.
Je vindt het stom.